05 juni 2026 | 6 min.
Het vertrouwen dat boeren en tuinders in de Nederlandse land- en tuinbouw in hun onderneming hebben, daalde licht in het eerste kwartaal van 2026 (-0,7 t.o.v. Q4 2025). De Agro Vertrouwensindex staat nu op 4,5 punten. Het vertrouwen van ondernemers ligt ook lager dan het langlopende gemiddelde van ongeveer 10,5 punten. Biologische bedrijven hebben dit kwartaal van alle sectoren het meeste vertrouwen in hun onderneming, veel meer dan de reguliere akkerbouw- en melkveebedrijven (Figuur 1).
Melkveehouderij iets positiever, maar blijft onder langlopend gemiddelde
De Agro Vertrouwensindex bij de melkveehouderij steeg met 8,2 punten, waarmee het negatieve sentiment van eind 2025 omsloeg naar een licht positief vertrouwen in het eerste kwartaal van 2026. De index kwam daarmee uit op 7,3 punten. De index blijft hiermee onder het langjarige gemiddelde van 11 punten.
De stemmingsindex blijft de laatste jaren schommelen: na een stijging in 2025 volgde in het vierde kwartaal een scherpe daling (-17,4), waarna in het eerste kwartaal van 2026 opnieuw een lichte daling (-1,6) plaatsvond. Daarmee zakt deze score net onder het langjarige gemiddelde, maar nog wel boven het gemiddelde van alle land- en tuinbouwbedrijven.
Volgens sectordeskundige Jakob Jager (Wageningen Social & Economic Research) hangt de gematigde stemming vooral samen met de lage melkprijs, al lijkt deze zich recent iets gunstiger te ontwikkelen. ‘De totale melkaanvoer neemt toe, zowel binnen Europa (+4,5%) als daarbuiten (in sommige landen 6-10%). Tegelijkertijd zullen de kosten voor mestafzet stijgen door toenemende volumes en de laatste stap in de derogatieafbouw die in 2026 wordt gezet. In 2020 bedroegen de mestkosten gemiddeld nog 5.000 euro. In 2025 liep dat op naar 25.000, en vermoedelijk komt daar in 2026 nog eens 5.000 tot 10.000 euro bij,’ geeft Jager aan. ‘Dit is afhankelijk van het weer in het voorjaar en de prijsontwikkeling. Als er minder varkens zijn, zal er minder varkensmest worden afgezet. Dat compenseert wellicht iets,’ zegt Jager ter afsluiting.
Figuur 1 Agro-vertrouwensindex 2013-2026_Q1: land- en tuinbouw, melkveehouderij, akkerbouw en biologische sector.
Toekomstverwachtingen melkveehouders onder langlopend gemiddelde
De toekomstverwachting komt, na een licht herstel ten opzichte van het vorige kwartaal, uit op -5,5 punten. Hiermee ligt de index nog wel onder het langjarige gemiddelde van bijna 2 punten. Volgens sectordeskundige Jakob Jager komt dit herstel vooral doordat de melkveehouders een hogere melkprijs verwachten (de voorschotprijs lag in april en mei al iets hoger). Ondanks de toegenomen melkaanvoer zijn de prijzen voor magere melkpoeder wel gestegen, door aanhoudend sterke vraag. De noteringen voor boter en volle-melkpoeder zijn daarentegen gedaald. Opvallend is de hoge notering voor wei-poeder, gedreven door een grote vraag naar proteïnedrankjes. Er is dus sprake van een tweedeling in de ontwikkeling van de zuivelnoteringen.
Verwachtingsindex
Pessimisme bij akkerbouwers, maar de bodem lijkt bereikt
Akkerbouwers hadden in het eerste kwartaal van 2026 iets meer vertrouwen in hun onderneming dan een kwartaal eerder (+1,1 punt). Met -3,8 punten ligt het vertrouwen echter nog ruim onder het langlopende gemiddelde van 7 punten. De Agro Vertrouwensindex van de akkerbouwers ligt bovendien 8,3 punten onder het gemiddelde van alle land- en tuinbouwbedrijven.
De stemmingsindex daalde met 3,6 punten naar 5,6. Hoewel de index positief blijft, is deze laag, vooral in vergelijking met andere sectoren. Met 5,6 punten ligt de index ruim onder het langjarige gemiddelde van 21 (2013–2025) van de akkerbouwsector. Daarnaast ligt de index 9,9 punten onder het gemiddelde van alle land- en tuinbouwbedrijven in dit eerste kwartaal van 2026.
Mark Manshanden, onderzoeker van Wageningen Social & Economic Research, geeft aan dat de prijzen voor de nog te verkopen producten uit de oogst van 2025 onder druk staan. Daarbovenop komt nog een prijsstijging op diesel en kunstmest door de oorlog in Iran. Ook werden bij sommige ondernemers eco-regelingen afgekeurd omdat er niet aan de voorwaarden was voldaan volgens het systeem. De hierdoor misgelopen inkomsten drukken extra zwaar in een toch al matige inkomenssituatie. Een deel van deze aanvragen wordt momenteel opnieuw beoordeeld. ‘Als lichtpuntje; het teeltseizoen is met goede groeiomstandigheden begonnen,’ sluit Manshanden positief af.
De index voor de verwachte situatie op het bedrijf over 2 à 3 jaar stijgt 4,8 punten naar -12,3. Samen met de stemmingsindex vormt deze index de Agro Vertrouwensindex. ‘De verbetering hangt mogelijk, net als afgelopen kwartaal, samen met het idee dat het dieptepunt bereikt is en dat een verdere verslechtering onwaarschijnlijk is. Maar de verwachtingen voor de komende jaren zijn niet hoog,’ geeft Mark Manshanden aan.
Manshanden licht toe: ‘Het rendement in de akkerbouw is vooral afhankelijk van gewassen als aardappel en suikerbiet, waarvoor in 2025, en mogelijk ook in 2026, sprake is van overaanbod. In 2026 is 9% minder suikerbiet ingezaaid, van aardappel is dit nog niet bekend. Wel weten we dat het areaal aardappelen in Frankrijk 5% kleiner is, maar nog wel 10% boven het langjarige gemiddelde. Naast de marktsituatie staat de sector de komende jaren voor de opgave om de waterkwaliteit te verbeteren. Mogelijk heeft de verbetering van waterkwaliteit gevolgen voor de stikstofgift voor gewassen. Ook op het dossier gewasbescherming ligt grote druk, omdat er steeds minder middelen beschikbaar zijn. De sector wil hier via een convenant voortgang op boeken. Beide zaken kunnen grote impact hebben op de bedrijfssituatie van de akkerbouwer.’
Stemmingsindex
Ondernemers van biologische landbouwbedrijven hebben veel vertrouwen in hun onderneming
Het vertrouwen van ondernemers in de biologische sector steeg in het eerste kwartaal van 2026 met 5,8 punten. De index kwam uit op bijna 26 punten. Daarmee is de biologische sector de sector met het meeste vertrouwen in de eigen onderneming. Zowel de stemmingsindex als het vertrouwen voor de middellange termijn steeg. Deze beide indices vormen samen de Agro Vertrouwensindex.
Sectorspecialist Coen van Ruiten (Wageningen Social & Economic Research) geeft aan dat de aanhoudende aandacht voor biologische producten in zowel overheidsbeleid als retail mogelijk bijdraagt aan de positieve ontwikkeling van het vertrouwen onder biologische landbouwbedrijven.
Van Ruiten: ‘De overheid investeert blijvend en duurzaam in de biologische sector. Eind 2025 is bijvoorbeeld een consumentencampagne over biologisch productie en consumptie gestart. Ook stimuleert de overheid via de Vabiola-regeling de afzet van biologische landbouwproducten. Boeren ontvangen hierbij subsidie voor samenwerkingsprojecten waarmee ze de verkoop van biologische producten kunnen vergroten. Ook aan de zichtbaarheid wordt gewerkt. Zo was er halverwege april een geslaagde internationale biobeurs in Apeldoorn. Ook werd duidelijk hoe bekend het biologische keurmerk is bij consumenten. De resultaten zijn hier gepubliceerd.’
Collega-onderzoeker Katja Logatcheva geeft aan dat de groei van het vertrouwen wordt bevestigd door een positieve ontwikkeling in het biologische areaal (2% toename) en een lichte toename (van enkele tienden van een procent) in het aandeel biologische veestapels in de belangrijkste veehouderijsectoren, zoals varkens, rundvee en schapen, in 2025 (Compendium voor de Leefomgeving, gebaseerd op data van het Centraal Bureau voor de Statistiek).
De overige uitkomsten en de resultaten van alle andere land- en tuinbouwsectoren over het eerste kwartaal van 2026 zijn te vinden op www.agrimatie.nl.